Submitted by lieve on Sun, 22/11/2009 - 10:05
Hoe is het mogelijk dat het zo lang kan tegen- of meezitten bij het kaartspelen?
'Onlangs speelden we met zijn vieren “bieden,, maar het fenomeen doet zich ook bij “manillen, voor. Gedurende drie spellen na elkaar hadden de tegenspelers telkens bijna alle geluk zodat ze zonder enige moeite wonnen, wat er ook gebeurde. Dooreenschudden of afnemen; het maakte niet uit.
Na die drie spellen voelde iedereen aan dat om een onbekende duistere reden het tij aan het keren was. En waarachtig, voor de volgende vier spellen kregen nu de andere twee spelers keer op keer de goede kaarten te pakken.'
Lees meer in De Standaard
